Welke camera en lens voor straatfotografie? 28, 35 of 50mm
Mijn Fujifilm X100V voelt inmiddels bijna als een verlengstuk van mijn arm. Dat is geen reclame, het is gewoon wat er gebeurt als je een camera lang genoeg overal mee naartoe neemt. Op een gegeven moment denk je er niet meer over na. En dat is volgens mij precies wat je wilt van een camera voor straatfotografie.
Toch gaan veel vragen over straatfotografie over spullen. Welke camera, welke lens, is mijn camera wel goed genoeg? Ik snap die vragen. Ik denk alleen dat het antwoord korter is dan veel mensen hopen.

In dit artikel:
- Wat een straatcamera nodig heeft
- Vast brandpunt of zoom
- Welke lens voor straatfotografie: 28, 35 of 50mm
- Cropfactor, kort uitgelegd
- Compacte camera's met een vaste lens
- Een systeemcamera met een kleine lens
- Je telefoon is prima
- Tweedehands
- Wat je niet nodig hebt
- Kleine dingen die wel helpen
- Waar ik zelf zou beginnen
Wat een straatcamera nodig heeft
Op straat werk je met mensen die niet op je wachten. Iemand loopt door, draait zich om, verdwijnt achter een bus. Een camera moet je dan vooral niet in de weg zitten. Als ik het lijstje kort houd, kom ik op een paar eigenschappen.
Klein. Een kleine camera neem je mee. Een grote camera laat je thuis als je alleen even boodschappen gaat doen, en juist dan gebeurt er iets. Past hij in je jaszak of een kleine tas, dan is hij vaker bij je. Wat mij betreft weegt dit het zwaarst.
Stil. Een harde sluiter is niet verboden, maar hij trekt aandacht. Hoe minder geluid je maakt, hoe minder mensen merken dat je er bent. Veel moderne camera's hebben een stille stand. Kijk even of de jouwe dat ook heeft.
Snel. Daarmee bedoel ik niet dat hij twintig foto's per seconde moet maken. Wel dat hij snel aan staat, dat je de belangrijkste instellingen zonder menu's kunt veranderen en dat hij doet wat je verwacht. Met zone focus wordt een camera trouwens vanzelf sneller. Daar kom ik nog op terug.
Onopvallend. Een kleine camera ziet er voor de meeste mensen uit als een toeristencamera. Daar kijkt niemand van op. Een grote camera met een flinke lens ziet er al snel uit als werk. Dan gaan mensen zich afvragen voor wie je fotografeert.
Prettig in de hand. Klinkt vaag, maar het telt zwaarder dan je denkt. Als een camera lekker ligt, neem je hem vaker mee en pak je hem sneller. Ga dus in een winkel een paar camera's vasthouden voordat je iets koopt. Een specificatieblad zegt daar helemaal niets over.
Dan is er nog de vraag of je door een zoeker kijkt of naar een scherm. Dat is persoonlijk. Met een zoeker sluit je de wereld even af en zie je alleen je kader. Met een scherm houd je overzicht en sta je minder duidelijk 'te fotograferen'. Probeer allebei. Je merkt snel wat bij je past.
Vast brandpunt of zoom
Mijn advies: begin met een vast brandpunt. Dus een lens die niet in en uit zoomt.
Dat klinkt als een beperking, en dat is het ook. Juist daarom werkt het. Met een zoomlens ga je staan en draai je aan de ring tot het past. Met een vast brandpunt moet je zelf bewegen. Een stap naar voren, een stap opzij, even door de knieën. Daardoor leer je veel sneller hoe jouw kader eruitziet, ook als je camera nog in je tas zit. Na een tijdje zie je op straat al wat er op je foto zou komen voordat je de camera optilt.
Op mijn straatfotografie checklist staat het ook: één camera en één lens is vaak genoeg. Ik schreef het eerder in mijn straatfotografie tips, bij de les over één lens kiezen. Het scheelt keuzes. En elke keuze die je niet hoeft te maken, laat ruimte om te kijken.
Een zoomlens is overigens niet fout. Heb je er al een, dan kun je hem gewoon op één stand zetten en daar een dag niet meer aan komen. Plak er desnoods een stukje tape op. Dat is de goedkoopste vaste lens die er bestaat.
Welke lens voor straatfotografie: 28, 35 of 50mm
De getallen hieronder gaan uit van fullframe. Heb je een kleinere sensor, lees dan ook even het stukje over de cropfactor verderop.
Voor de meeste straatfotografie werkt 35 of 50mm prima. 28mm is een populaire derde. En dan is er nog 40mm, voor wie niet kan kiezen. Er is geen goede of foute keuze. Wel maakt het verschil voor hoe je foto's eruitzien en hoe je werkt.
28mm: dichtbij en veel context
Met 28mm krijg je veel van de omgeving in beeld. Dat is mooi als je mensen in hun decor wilt laten zien: de straat, de gevels, het plein. Het nadeel, of het voordeel, is dat je dichtbij moet komen. Iemand op een paar meter afstand wordt op 28mm al snel een klein figuurtje.
Dat dichtbij komen is spannend. Als je daar nog mee worstelt, lees dan eens mijn stuk over durven fotograferen op straat. Wie eenmaal aan die afstand went, krijgt foto's waarin je als kijker midden in de situatie staat. Dat gevoel krijg je met een langere lens bijna nooit.
Let op de randen. Een groothoek trekt alles aan de zijkanten van je foto een beetje uit. Een hoofd in de hoek kan daardoor vreemd uitvallen. Zet je hoofdpersoon liever wat meer naar het midden, of maak er bewust gebruik van.
35mm: de allrounder
Moet je één lens kiezen zonder dat je weet wat je zoekt, dan zou ik 35mm nemen. Breed genoeg voor context en smal genoeg om iemand de hoofdpersoon te laten zijn. Het komt redelijk overeen met hoe je zelf om je heen kijkt als je niet heel bewust focust.
35mm vergeeft ook veel. Je hoeft net iets minder dichtbij dan met 28mm en je houdt meer overzicht dan met 50mm. Voor zone focus is het een fijne lengte, omdat je bij een middelgroot diafragma een flink stuk scherpte hebt. Hoe dat werkt, lees je in mijn artikel over de instellingen voor straatfotografie.
50mm: iets meer afstand
Met 50mm sta je net wat verder van je onderwerp. Je krijgt minder omgeving in beeld en kunt makkelijker één persoon of één detail losmaken van de rest. Een gezicht, handen, een tas, een hond die omhoog kijkt.
Voor sommige mensen voelt 50mm prettiger omdat je niet zo dichtbij hoeft. Dat klopt, al is het geen verstopplek. Je staat nog steeds gewoon op straat met een camera. Het verschil met 35mm is kleiner dan het op papier lijkt.
Wat 50mm wel lastiger maakt: lagen. Een voorgrond, een middengrond en een achtergrond in één foto krijgen gaat met een bredere lens makkelijker. Met 50mm worden je foto's vaak rustiger en wat grafischer. Ook dat is een keuze.
40mm als middenweg
40mm zit tussen 35 en 50mm in. Wie het ene te breed en het andere te krap vindt, komt hier vaak uit. Het is minder gangbaar, maar er zijn camera's die er bewust voor kiezen. Daar kom ik zo op.
Hoe kies je?
Kijk eens naar je eigen foto's. De meeste camera's slaan op welk brandpunt je gebruikte. Fotografeer je met een zoom en kom je steeds rond dezelfde stand uit, dan weet je eigenlijk al genoeg.
Met een zoomlens kun je het ook gewoon testen. Zet hem een week lang op 28mm en ga elke dag even de straat op. De week daarna op 50mm. Kijk vervolgens welke foto's je zelf het liefst terugziet. Dat hoeft niet de week te zijn die het makkelijkst voelde.
En als je echt niet kunt kiezen: neem 35mm. Na een paar maanden weet je vanzelf of je verder weg wilt of juist dichterbij.
Cropfactor, kort uitgelegd
De meeste mensen fotograferen niet met een fullframe camera. Veel camera's hebben een kleinere sensor, een zogeheten cropsensor. Die ziet een kleiner stukje van wat de lens projecteert. Daardoor lijkt een lens 'langer' dan het getal dat erop staat.
Bij de meeste cropsensoren reken je ongeveer met anderhalf. Een lens van 23mm geeft op zo'n camera dus ongeveer het beeld van 35mm op fullframe. Een lens van 18mm komt ongeveer uit op 28mm. En een lens van ongeveer 33mm geeft je het gevoel van 50mm.
Dat is vooral handig om te weten als je een lens gaat kopen. Lees bij een camerawinkel of in een recensie even of het om het werkelijke brandpunt gaat of om het fullframe-equivalent. Fabrikanten van compacte camera's noemen vaak het equivalent, omdat dat voor de meeste mensen het makkelijkst te begrijpen is.
Uiteindelijk wil je weten hoe je foto eruitziet en hoe dichtbij je moet komen. Het getal op de lens is daar een hulpmiddel bij.
Compacte camera's met een vaste lens
Er is een soort camera die bijna voor straatfotografie gemaakt lijkt: een compacte camera met een vaste lens die je niet kunt wisselen. Over die lens hoef je dus ook niet te twijfelen. Je hebt één brandpunt en daar doe je het mee.
Op het moment van schrijven kom je deze camera's vaak tegen in de straatfotografie.
Fujifilm X100VI. De opvolger van de X100V waar ik zelf mee werk. Ik ga hier geen lijst met specificaties overnemen, die vind je bij Fujifilm zelf beter. Over mijn X100V kan ik wel zeggen: hij is klein, gaat overal mee naartoe en ik denk er niet meer over na als ik hem pak. De X100VI bouwt op hetzelfde idee voort. Meer hoeft een camera voor mij eigenlijk niet te doen.
Ricoh GR IV. Een heel kleine camera met een 28mm lens, uitgaande van het fullframe-equivalent. Hij past echt in een broekzak. De GR-camera's zijn onder straatfotografen al lang populair, juist omdat ze zo onopvallend zijn.
Ricoh GR IIIx. Hetzelfde idee, maar met 40mm. Die middenweg tussen 35 en 50mm waar ik het hierboven over had.
Deze camera's zijn klein en je hoeft er niet over na te denken. Het nadeel is dat je vastzit aan dat ene brandpunt. Ik zie dat juist als een voordeel. Wil je weten welke modellen er op dit moment verkrijgbaar zijn en wat ze precies kunnen, kijk dan bij de fabrikant of een camerawinkel. Ik werk zelf met Fujifilm en vertel liever wat ik ken dan dat ik dingen ga overschrijven.
Een systeemcamera met een kleine lens
Naast de X100V heb ik ook een Fujifilm X-T5. Dat is een systeemcamera, dus een camera waarop je lenzen kunt wisselen. Zo'n camera is wat groter dan een compacte camera, maar je hebt meer keuze.
Voor straatfotografie maakt de lens het verschil. Zet een grote zoomlens op je systeemcamera en je hebt opeens een flink apparaat om je nek. Met een kleine lens met vast brandpunt wordt de hele camera een stuk vriendelijker.
Een pancakelens is daar het mooiste voorbeeld van. Dat is een heel platte lens die nauwelijks uitsteekt. Veel merken hebben er een of meer in hun assortiment, vaak in een brandpunt dat rond 35 of 40mm uitkomt. Kijk bij jouw merk wat er is. Het voordeel is dat je dezelfde camera met een andere lens ook voor andere dingen kunt gebruiken.
Heb je al een systeemcamera? Dan hoef je waarschijnlijk geen nieuwe camera te kopen. Een kleine, lichte lens met vast brandpunt is vaak genoeg om hem een stuk geschikter te maken voor de straat.
Je telefoon is prima
Ik meen het. Een smartphone is voor straatfotografie een prima camera. Je hebt hem altijd bij je, niemand kijkt ervan op en de kwaliteit is voor de meeste toepassingen ruim voldoende.
In mijn straatfotografie workshops mag je ook met je telefoon meedoen. Een lens met vast brandpunt tussen 28 en 50mm op fullframe is prima, en een telefoon kan dus ook. De opdrachten gaan over kijken. Daar heb je geen dure camera voor nodig.
Er zijn wel een paar dingen om op te letten. De standaardlens van de meeste telefoons is behoorlijk breed. Je moet dus net als met 28mm dichtbij komen. Inzoomen met je duimen maakt je foto meestal slechter, omdat de telefoon dan gaat bijsnijden. Loop liever een stap dichterbij.
Kijk ook of je telefoon RAW kan opslaan. Dan heb je achteraf meer ruimte bij het bewerken.
Het grappige is dat je met een telefoon soms dingen fotografeert die je met een echte camera niet aandurft. Mensen zien je als iemand die een berichtje typt. Of dat een voordeel is, laat ik aan jou.
Tweedehands
Een camera hoeft voor straatfotografie niet nieuw te zijn. Camera's gaan lang mee en een model van een paar jaar oud maakt nog steeds prima foto's. Op Marktplaats en bij camerawinkels die tweedehands verkopen, vind je vaak goede exemplaren.
Ik zou een paar dingen controleren: hoeveel foto's de camera al heeft gemaakt, of de lens schoon is en of alle knoppen en wieltjes werken. Dat eerste heet het aantal sluiterbewegingen. Vraag ernaar. Koop bij voorkeur bij een winkel die garantie geeft, of vraag of je de camera even mag proberen.
Tweedehands is ook een mooie manier om een brandpunt uit te proberen. Een oude, kleine lens met vast brandpunt kost vaak niet zoveel. Werkt het niet voor je, dan verkoop je hem weer door.
Wat je niet nodig hebt
Hier mag ik misschien wat eigenwijs zijn.
Een grote zoomlens. Ik snap de gedachte: je kunt alles. Maar je gaat ook alles doen. Je blijft staan waar je staat en draait aan de ring. Je foto's gaan daardoor vaak op elkaar lijken. Ondertussen wordt je camera zwaar en opvallend.
Een telelens. Daarmee kun je mensen vanaf grote afstand fotograferen. Dat geeft andere foto's. Je ziet de afstand terug, alsof je door een verrekijker kijkt. Vaak ontbreekt dan wat ik juist interessant vind aan straatfotografie: dat je als kijker het gevoel hebt erbij te zijn.
Bovendien voelt het voor de mensen die je fotografeert vaak minder prettig als ze merken dat iemand van ver weg naar ze staat te zoomen. In mijn artikel over mensen fotograferen op straat lees je wat er wettelijk wel en niet mag. Dat is één ding. Hoe het voelt, is een ander verhaal.
Te veel spullen. Een tas vol lenzen betekent een tas vol keuzes. Elke keer dat je gaat wisselen, mis je wat er om je heen gebeurt. En je schouder gaat het na een paar uur lopen ook merken.
Ik schreef ooit een stuk met de titel mijn camera leidt me af. Dat gaat precies hierover. Hoe meer je met je spullen bezig bent, hoe minder je kijkt. Een camera is gereedschap, geen doel.
En ja, ik ken het gevoel van een nieuwe camera willen. Gear acquisition syndrome heet dat, en volgens mij heeft iedere fotograaf er weleens last van gehad. Het lijkt een beetje op sportschoenen kopen voor de hardloopsessies die je van plan bent. De schoenen zijn prima. Het hardlopen is het punt.
Kleine dingen die wel helpen
Een paar kleine dingen zou ik wel altijd meenemen.
Een extra accu. Kleine camera's hebben vaak kleine accu's. Niets zo vervelend als een lege camera halverwege een middag in de stad. Een extra accu neemt bijna geen ruimte in.
Een polsband. Ik vind een polsband op straat vaak fijner dan een nekriem. De camera zit in je hand, klaar voor gebruik, en hangt niet als een medaille om je nek. Hij valt ook niet zo snel.
Een lege geheugenkaart. Formatteer je kaart thuis, niet op straat. Begin met een lege kaart, dan hoef je daar niet meer over na te denken. Een reservekaart in je jaszak is ook nooit verkeerd.
Dat is het eigenlijk. Geen statief, geen flitser, geen filters. Een camera, een lens en comfortabele schoenen. Dat laatste is misschien wel de belangrijkste aanschaf voor straatfotografie.
Waar ik zelf zou beginnen
Als je al een camera hebt, begin daarmee. Zet hem op één brandpunt, of kies één lens met vast brandpunt, en ga een paar weken op pad. Je leert er meer van dan van welke nieuwe camera dan ook.
Twijfel je nog of je met de juiste spullen werkt? In een workshop één op één kijken we daar samen naar. We beginnen met koffie, kiezen samen een stad en fotograferen allebei. Onderweg zie je vanzelf wat werkt met jouw camera en wat niet. Je mag gratis een vriend of vriendin meenemen.
Wil je liever in een kleine groep op pad, met maximaal vijf deelnemers? Ook daar kun je met elke camera mee, dus ook met je telefoon. Bekijk de workshops en kies een stad die bij je past.